Examenvolgorde
Van theorie tot openbare weg
Het motorrijbewijs valt uit elkaar in een theorie-examen en een praktijkexamen met twee delen: manoeuvres op privéterrein en een rit op de openbare weg. Je mag die delen niet in willekeurige volgorde afwerken. Wel kies je, na de theorie, of je de openbare weg vooral via de rijschool oefent of ook zelf met een voorlopig rijbewijs.
Theorie: 50 vragen, drie jaar geldig
Je legt de theorie af in een examencentrum dat je zelf kiest. Theorieles in een rijschool is toegestaan, maar niet verplicht om te mogen deelnemen. Vlaanderen beperkt ook niet hoe vaak je de theorie mag herkansen. Het examen telt 50 meerkeuzevragen. Je slaagt met minstens 41 op 50. Elk fout of blanco antwoord kost één punt. De vraag wordt voorgelezen en staat op het scherm; na het voorlezen heb je 15 seconden.
Naast het gewone reglement bevraagt de motortheorie ook kleding, zichtbaarheid, glad wegdek en de mechaniek. Meteen na een geslaagde theorie volgt een oogtest en een verklaring dat er geen medische reden is om niet te rijden. Faalt de oogtest, dan ga je naar een oogarts. Het attest blijft drie jaar geldig. Foute antwoorden kun je alleen meteen na het examen bekijken.
Een vertraagd examen vraagt normaal een attest van onder meer een CLB of een OCMW; na vijf mislukkingen kan het zonder attest. Sinds 1 januari 2023 is er een audiotolk in het Frans, Duits of Engels, als toeslag. Leeftijden en de vrijstelling na twee jaar een lagere categorie staan bij de categorieën.
Twee trajecten na de theorie
Vrije begeleiding, zoals bij een auto soms nog bestaat, is voor de motor geen optie. De praktijkuren lopen via een erkende rijschool. Daarbinnen heb je twee paden, allebei erkend door Vlaanderen.
- 12 uur rijschool, zonder voorlopig rijbewijs. Je oefent in het schooltraject. De rijschool maakt de afspraak voor het praktijkexamen. Je hoeft zelf geen stage op de openbare weg te organiseren en je valt dus ook niet onder de beperkingen van een voorlopig rijbewijs.
- 9 uur rijschool, daarna een voorlopig rijbewijs. Minstens de helft van die negen uur is op de openbare weg. Na het examen op privéterrein vraag je een voorlopig rijbewijs. Je oefent minstens één maand, en hoogstens de geldigheid van dat document, voor je het wegexamen aflegt. De afspraak met het examencentrum maak je in dit pad zelf, bij voorkeur weken op voorhand.
Na twee jaar A1 (naar A2) of twee jaar A2 (naar A) krimpt het pakket tot vier uur, waarvan twee op de openbare weg. De volgorde blijft: eerst terrein, dan de weg. Wat dat met de factuur doet, staat bij kosten en documenten.
Manoeuvres op privéterrein
Het eerste praktijkdeel is een reeks manoeuvres op het afgesloten terrein van het examencentrum. Vlaanderen spreekt van tien manoeuvres. Je legt ze af met een motor zonder zijspan: je eigen motor of een motor van de rijschool. In het traject van negen uur begeleidt de instructeur je naar dat terreinexamen.
Het attest van het privéterrein blijft één jaar geldig, net als de termijn om een mislukt deel te herkansen. Twee mislukkingen op het terrein betekenen minstens twee extra lesuren, met een bewijs dat je meebrengt. Kies je voor negen uur, dan ga je met het formulier “Aanvraag om een voorlopig rijbewijs” naar de gemeente. Dat voorlopige rijbewijs is twaalf maanden geldig.
Stage met een voorlopig rijbewijs
De stage is oefentijd, geen vrijbrief. Vlaanderen legt deze grenzen op het voorlopig rijbewijs A1, A2 en A:
- Minstens één maand oefenen vóór het examen op de openbare weg.
- Een goed zichtbaar L-teken achteraan de motor.
- Geen ritten tussen 22 uur en 6 uur op vrijdag, zaterdag, zondag, de vooravond van een wettelijke feestdag en op de feestdag zelf. Die nachtbeperking geldt niet meer zodra je 24 bent.
- Niet in het buitenland, geen passagiers en geen commercieel goederenvervoer.
Vervalt het voorlopig rijbewijs zonder geslaagd wegexamen, dan kun je drie jaar geen nieuw voorlopig rijbewijs voor dezelfde categorie aanvragen. Daarna volg je extra uren op de openbare weg via een rijschool: Vlaanderen noemt minstens drie uur voor een rechtstreeks traject. Voor een overstap van A1 naar A2 of van A2 naar A laat de tekst de duur open.
De rit op de openbare weg
Op de openbare weg rijd je voorop. De examinator volgt en staat via de radio met je in verbinding. De examinator zegt welke richting je uitgaat. Jij kiest de plaats op de weg, de snelheid en het moment waarop je stopt of vertrekt, binnen het verkeersreglement. Onderweg moet je ook reglementair en veilig afstappen en opnieuw vertrekken.
Terrein en openbare weg mogen aparte afspraken zijn. Bij twaalf uur plant de rijschool ze; met een voorlopig rijbewijs doe je dat zelf, binnen de geldigheid van dat document. Twee mislukkingen op de weg betekenen minstens twee uur extra les, en de derde poging op een motor van de rijschool. Na slagen levert het centrum het formulier “Aanvraag om een rijbewijs” af. De papierlijst per examendeel staat bij kosten en documenten.
Vragen, lesuren en stagebeperkingen zijn nagekeken op 4 november 2026 tegen de Vlaamse pagina’s over theorie, praktijk en de stage. FOD Mobiliteit en Vervoer.